Sorry, om mijn werk te beschermen wil je vragen niet mijn foto's/werk te copieren zonder mijn toestemming.



Book Online

* Please Fill Required Fields *

Urbex fotograaf Patrick Nijhuis speurt naar vergankelijkheid

About Us, Urban Photography, Urbex Photography / No Comment / 25 april 2014

Mijn artikel is geplaatst in het luxe Magazine TwenteLife. Ik ben er wel een beetje trots op om samen met Ilse de Lange op de Cover te staan.

Hieronder lees je het artikel:

Het heet ‘urban exploring’ en staat voor het bezoeken en fotograferen van verlaten gebouwen. Patrick Nijhuis stroopt oude industriële complexen, villa’s en openbare gebouwen af. “Een zoektocht naar de vergankelijkheid van het leven en met pakkende foto’s reconstrueren wat er zich heeft afgespeeld”, aldus Patrick. 

Je voelt je afgesneden van het hede en verbonden met het verleden

We ontmoeten patrick in de oude steenfabriek van Rijssen. Het doet wat vreemd aan; een volwassen man met camera’s, gekleed in een militaire outfit. Daar is echter over nagedacht. “Ik werk vaak in vieze en stoffige gebouwen. Deze kleding is oersterk en mag vuil worden. Bovendien val je in deze outfit minder op op het terrein”, vertelt Patrick. Dat laatste blijkt belangrijk, want ik ben lang niet overal welkom. “Veel terreinen zijn afgesloten en worden bewaakt. Ik lig soms letterlijk op de loer en wacht mijn kans af om ongezien naar binnen te kunnen”. Patrick (45) is opgegroeid in Almelo. Patrick is verkast naar Deventer. Hij noemt zich ‘creatieveling’. Patrick is grafisch ontwerper en heeft een eigen bureau. Vier keer per jaar trekt hij er op uit om een lang weekend oude gebouwen te bezoeken. “Daar gaan maanden van voorbereiding aan vooraf. De zoektocht naar interessante gebouwen vergt veel inspanning. Vaak liggen ze verscholen op ontoegankelijke locaties. Het is een hele puzzel om de juiste coördinaten van zo’n plek te ontrafelen.” Verdwalen Dat was niet het geval bij de eerste urban exploring, de Holec fabriek in Hengelo. “Een gigantisch complex, sommige deuren waren dichtgemetseld, andere waren wel toegankelijk. Je zwerft door zo’n gebouw en het komt regelmatig voor dat je echt verdwaalt. Ik ga altijd met bevriende fotograaf op pad. Natuurlijk omdat het gezellig is en we dezelfde passie delen, maar ook nadrukkelijk uit veiligheidsoogpunt. Je komt in gebouwen waar je door vloeren kunt zakken, trappen eigenlijk niet meer begaanbaar zijn en boven je hoofd plafonds spontaan naar beneden kunnen komen.” Nederland is voor urban exploring zo ongeveer het slechtste land waar je kunt zijn. “Ons land is dichtbevolkt en elk stukje grond vertegenwoordigt een flinke economische waarde. Oude gebouwen worden om die reden snel gesloopt. Daarnaast voeren veel gemeenten een actief beleid om vervallen gebouwen te renoveren of te slopen. In onze buurlanden speelt dit allemaal veel minder. Met name in een groot land als Frankrijk is het een walhalla. In de regio Twente is de spoeling dun. We hebben de oude Van Heek fabrieken in Glanerbrug, Nordhorn en Gronau in beeld gebracht en in Rijssen is de oude steenfabriek heel interessant.”

De deuren van de isoleercellen half open. Beklemmend.

Onaangeroerd
De interessantste verlaten gebouwen zijn panden die na het vertrek van de oorspronkelijke bewoners of werknemers niet meer betreden zijn. Patrick: “Je probeert je een beeld te vormen wat er zich heeft afgespeeld. Wie hebben hier geleefd, of gewerkt? Onder welke omstandigheden gebeurde dat en waarom staat het nu leeg? In een oude vervallen villa vonden we röntgenfoto’s, medische dossiers en kaarten waarop iemand beterschap wordt gewenst. Hier moet iemand geleefd hebben die weliswaar welvarend was, maar ook erg ziek. In de meeste verlaten gebouwen zijn anderen je al voor geweest. Vaak zijn spullen die nog een beetje van waarde waren weggeroofd of vernield. Graffiti, restanten van een brandje; je komt het allemaal tegen. We stonden ook eens oog in oog met een koperdief.” “Soms val je met de neus in de boter en is alles nog vrijwel intact. Zo bezochten we eens een voormalig hotel. Daar stonden de borden nog op tafel. Het is onder urban explorers een erecode dat je nooit dingen meeneemt. Natuurlijk kun je denken: ‘Als ik het niet meeneem, doet een ander het wel’. Maar zo zitt ik niet in elkaar. We laten alleen onze voetafdrukken achter.” “Indrukwekkend was het bezoek aan de voormalige psychiatrische kliniek Santpoort-Zuid. De deuren van de isoleercellen half open. Beklemmend. Minstens zo intens was ons bezoek aan een majestueus gebouw in België bij Luik. Vervallen adellijke grandeur. Het schijnt zelfs een aantal jaren een bordeel te zijn geweest. In de volksmond wordt het ‘Hotel Rouge’ genoemd.”

Unheimisch 
“Het voelt vreemd om urenlang door het verleden te dwalen. Het is vaak heel stil in die verlaten gebouwen. Je voelt je afgesneden van het heden en verbonden met het verleden. Je tijdsbesef is weg. Het maakt mij heel rustig”, zegt Patrick. “Nou ja, het kan ook flink spoken. Je hoort soms vreemde geluiden; krakende vloeren, piepende deuren en zelfs een keer getrappel op de vloer boven ons. Precies boven ons hoofd hield het op. Héél unheimisch.” “Een goede foto vertelt een verhaal. Hoe langer je er naar kijkt, hoe meer de foto prijs geeft. Een beeld hoeft niet het hele verhaal te vertellen. Sterker nog; het is spannend als de kijker z’n fantasie laat gaan en het verleden ook zèlf inkleurt.”

Lees interactief verder: http://issuu.com/patricknijhuis/docs/tl_39_fotografen

Bron: TwenteLife Magazine

Leave a reply